Archief

Maand: februari 2012
De theologie van de revolutie

De theologie van de revolutie

In leven en werk was de Theologie van de Revolutie een warme inspiratiebron. We keren terug naar de zestigerjaren van de vorige eeuw. De Wereldraad van Kerken lanceerde in de jaren van 1965-1968 bijeenkomsten waar de theologie van de Revolutie werd uitgedragen. Naast de legendarische Che Guevara (Cubaanse revolutionair die revolutie wilde exporteren naar andere landen in Afrika en Zuid Amerika en in 1967 om het leven kwam) speelde de Colombiaanse priester Camilo Torres een gewichtige rol. Hij trad toe tot een guerrillabeweging in 1965. In 1966 werd hij vermoord. Na lange overwegingen kwam hij tot het inzicht dat revolutie onvermijdelijk is als daad om naastenliefde te verwezenlijken. Naastenliefde mag niet doven in passiviteit als onrechtvaardige structuren mensen onderdrukken. Christenen leren de mens als ondeelbaar geheel te aanvaarden. Lichaam en ziel, geest en natuur, menselijke factoren en sociaal economische factoren, horen bij elkaar. Torres besefte dat het onmogelijk was christen te zijn zonder zich te verdiepen in de problemen van materiële ellende. Winsten en investeringen moeten onder controle komen van de overheid. De staat moet kunnen ingrijpen in de productiemiddelen. Torres werd geïnspireerd door zijn geloof in het Koninkrijk van God. Hij achtte zich geroepen dat Koninkrijk van God in zijn eigen tijd te stichten en uit te breiden. Koninkrijk van God is de door God gewenste werkelijkheid die gekenmerkt wordt door vrede, gerechtigheid, vrijheid en betrouwbaarheid. Jezus is daarvan de demonstratie. Torres worstelde met de vraag hoe dat Koninkrijk gerealiseerd kon worden. Hij stelde vast dat geweld onvermijdelijk zou zijn. Torres hing communistische ideeën aan. Banken, verzekeringsmaatschappijen, ziekenhuizen, klinieken, fabrieken, grossiers van medicijnen, openbaar vervoer, radio en TV, exploitatie van natuurlijke rijkdommen moeten eigendom van de staat worden. Torres ergerde zich aan de kapitalistische kliek die met steun van de kerk het volk onderdrukte Torres wilde dat liefde werkzaam gemaakt werd als middel van techniek en wetenschap Hij raakte overtuigd van de noodzaak van revolutie om de hongerige te voeden, dorstige van water te voorzien, naakten kleding te geven. Torres gaf een eigentijdse uitleg aan het begrip Koninkrijk van God.

Wat betekende Torres voor ons?

Torres werd vermoord toen ik met mijn werk begon. In Leek en Marum werkte ik als functionaris ten behoeve van werk onder jongeren in het Zuid Westerkwartier van de provincie Groningen. De theologie die ik hanteerde had een hoog politiek karakter. Dat impliceerde conflicten met de kerk en samenleving. Er waren gelukkig altijd autoriteiten zoals de burgemeester van Leek J. Zwart die mij de ruimte gunde. Ook mobiliseerde ik jongeren tegen de oorlog in Vietnam. Johnson moordenaar prijkte op mijn raam. Ik werd door de politie ontboden wegens belediging van een staatshoofd. Samen met jongeren demonstreerden we tegen NAVO en WARSCHAUPACT. Ik bewonderde de jongeren uit de dorpen die scherp gevolgd werden door hun dorpsgenoten. Ze hadden durf. We propageerden de verkoop van rietsuiker om de ontwikkelingslanden te steunen. We gingen tekeer tegen de bietsuiker die elders in de provincie Groningen geproduceerd werd, We gingen het conflict aan met winkeliers die weigerden rietsuiker te verkopen. Tot ongenoegen van autoriteiten en bestuurders steunden we jongeren op scholen in hun gevecht om meer democratie. We maakten propaganda voor het weigeren van militaire dienst. Ik voelde me verwant met Torres. Ik besefte dat ik het voorrecht genoot in een democratische rechtsstaat te leven. Van Torres leerde ik om het begrip Koninkrijk eigentijds te vertalen. Gerechtigheid, vrijheid en opkomen voor de zwakken probeerde ik te koppelen aan personen, gebeurtenissen en beleid in onze eigen tijd. Ik leerde dat naastenliefde moest uitmonden in verzet Van mijn leermeester Hans Hoekendijk leerde ik dat de kerk alleen kan functioneren in de situatie van het ogenblik. Gods toekomst moet gestalte krijgen in onze tijd. De gelovigen zijn altijd onderweg. Ze zijn nog niet aangekomen De kerk dient een theo- politieke gebeurtenis van bevrijding te zijn. Wanneer Jezus nog niet is gearriveerd vindt er geen bevrijding tot menselijke waardigheid plaats. Hoekendijk leerde ons dat Jezus niet alleen present is in brood en wijn (eucharistie en avondmaal) maar ook in de hongerige, dorstige en gevangene.

Theologie mikt op bevrijding

Van Gustavo Guetiérrez hebben we geleerd dat kennen van God(een bondgenootschappelijk relatie)inhoudt dat gerechtigheid geschiedt(recht doen aan armen en verdrukten)Wie niet zich verzet tegen onrechtvaardigheid verwerpt eigenlijk God. De spiritualiteit van bevrijding moet gericht zijn op de bekering tot  de naaste,tot de onderdrukte,tot,de uitgebuite  sociale klasse, tot het geminachte ras,het  overheerste land.. Zich bekeren betekent zich welbewust en concreet engageren in het proces van uitgebuite mensen. Edelmoedigheid is niet voldoende. Je moet leren de situatie te analyseren en een strategie te ontwikkelen voor het handelen
In de Theologie van de Revolutie worden we herinnerd aan de lofzang van Maria na de aankondiging van zijn geboorte. Het Magnificat luidt: “Hij heeft machtigen van de troon gestort en eenvoudige verhoogd. Hongerige heeft hij met goederen vervuld en rijken heeft hij ledig weggezonden”. Deze woorden getuigen van een ongekende radicaliteit van Het Koninkrijk van God (de door God gewenste werkelijkheid) dat in Jezus onder ons is gekomen. Wat ons ten slotte te wachten staat (de eschatologie) is onze drijfkracht. We handelen in de huidige actualiteit en sluiten aan op de urgentie. Ernst Bloch wordt vaak als getuige opgeroepen. De mens is degene die hoopt,
die zijn toekomst droomt, maar het gaat hier om een actieve hoop, een hoop die de bestaande orde omkeert. De hoop is een dagdroom die zich projecteert in de toekomst. Hoop is het nog niet-bewuste, de psychische voorstelling van het nog niet zijn, de Hoop doet zich kennen als de sleutel van de menselijke existentie, die zich via de transformatie van het heden op de toekomst richt. Moltmann heeft zich aan gesloten bij Bloch. De huidige orde, het zijnde wordt ten diepste uitgedaagd door de belofte dankzij de hoop op de verrezen Christus. Voor Moltmann is de transcendente hoop die maakt dat de mens de smart van het heden leert kennen. De gebeurtenis van de belofte is dus het begin van de kritiek op al het zijnde. Dood en opstanding van Jezus zijn onze toekomst omdat ze ook ons heden zijn, vol gevaren en hoop. Wie kiest voor het Rijk van God kiest voor de wereld. De christenheid heeft de mensheid niet te dienen opdat deze wereld blijft wat zij is maar opdat zij zich verandert en wordt wat haar belofte is. Hoop wordt als gave aanvaard, Deze aanvaarding betekend NEEN zeggen tegen het onrecht, protesteren tegen de vertrapping van mensenrechten. Ook Metz speelt een belangrijke rol. Politieke theologie leeft uit de hoop dat de kerk door de uitoefening van haar maatschappijkritische functie tot een nieuw zelfbewustzijn zal komen Het Koninkrijk van God is het einde van alle overheersing van de ene mens over de andere. Paus Johannes XXIII was een groot inspirator. Volgens hem dient de kerk voor de ontwikkelingslanden zich aan zoals ze is en zoals ze wil zijn als de kerk van alleen inzonderheid als de kerk van armen. Armoede is niet acceptabel. Het is een onwaardige staat die afbreuk doet aan de menselijke waardigheid. Armoede is onverenigbaar met de komst van het Rijk van God, een Rijk van liefde en gerechtigheid.

Inspiratie gaat voort

De inspiratie die ik tijdens mijn Groningse jaren ondervond groeide verder uit tijdens mijn verblijf in Indonesië gedurende de zeventiger jaren. Ons besluit om naar Indonesië te gaan werd ingegeven door de wil om mee te werken aan de vermindering van armoede. Het gebied waar ik verbleef( Centraal Sulawesi) behoorde tot de armste gebieden van de archipel. We werden geconfronteerd met grootschalige corruptie, gebrek aan vrije pers, militair machtsmisbruik, het doordrukken van overheidsbeleid in de verkiezingen. Martelingen van mensen die van communisme werden beschuldigd. Manipulatief handelen door ambtenaren en handelaren om  boeren te verleiden tot het kappen van ebbenhout, het gedrag van handelaren die voor de oogst reeds de rijst voor voordelige prijzen voor hen zelf opkochten van boeren. Ik heb getracht in deze situaties theologie te bedrijven. Ik tekende verzet aan en probeerde bondgenoten te werven, hield kritische discussies en opperde in lezingen andere uitwegen. Dat bracht allerlei kleinere en grotere conflicten met zich mee in de relatie met ambtenaren, militairen, rijken. Ik probeerde gelijktijdig in mijn strijd ook steun te verwerven onder ambtenaren en militairen. Daar kreeg ik steun die mij goed te pas kwam indien andere ambtenaren en militairen mij ten val wilden brengen. Ik heb getracht mij zoveel mogelijk te solidariseren met de mensen en maakte nauwkeurig studie van de situatie. Voor mijn strategie koerste ik soms op eigen kompas maar vaak in overleg met anderen van wie ik steun verwachtte. Ik ontdekte ook dat armoede niet altijd herleidbaar is tot klassenstrijd. Soms wortelt armoede in culturele verhoudingen. Familieverhoudingen zijn vaak doorslaggevend. Men wordt geacht elkaar te steunen ook in financiële problemen. Daarbij treedt misbruik op. Mensen trekken elkaar financieel naar beneden. De mensenrechtensituatie was tijdens het bewind van Suharto niet optimaal. Ik heb de grenzen verkend en heb standpunten ingenomen. De conflicten met tegenstanders waren heftig. Ten slotte moest ik mij verantwoorden bij de generaal van de Merdeka divisie waaronder Centraal Sulawesi viel. De generaal prees mijn openhartigheid maar zette wel uiteen dat ik hier en daar grenzen overschreed. Maar wie hard werkt maakt fouten. Hij wilde mij niet wegsturen maar gaf de kerk adviezen over de voortzetting van mijn werk. Toen een andere bevriende generaal, die ook Gouverneur was van de provincie werd overgeplaatst, verviel mijn steun en toeverlaat en sloegen mijn vijanden genadeloos toe. Ik moest na 8 jaar Indonesië verlaten als ongewenst persoon die zich schuldig had gemaakt aan subversieve activiteiten. Ik prijs mijn collega’s die achter mij bleven staan.

Marxisme

Uiteindelijk heb ik getracht om het communisme goed te verstaan. Ik koesterde sympathieën omdat sommige communistische ideeën strookten met mijn christelijke ideeën over het Rijk van God. Ik was minder enthousiast over de stalinistische uitwassen en gewelddadigheid van de bende van vier tijdens de culturele revolutie onder Mao. Kliekvorming, corruptie in eigen kring, ondemocratisch handelen, gebruik van geweld en de onderdrukking stonden mij tegen. Het kapitalisme verkreeg een meer menselijk gezicht maar werd niet in zijn grondslagen aangetast
Gorbatsjov. (Rusland) en Deng (China ) deden knappe pogingen tot restauratie en hervorming. Gorbatsjov overleefde zijn reformatie niet. Zijn land zakte uiteindelijk weg in een banaal kapitalisme. Deng overleefde omdat hij de economische hervormingen, die riekten naar vrije markt en kapitalisme hield binnen de perken van het communisme. Hij overleefde.
Als middelbaar scholier lazen we het Communistisch Manifest. Twee groepen worden onderscheiden. De bourgeoisie bestaat uit de klasse van kapitalisten die bezitters zijn van de productiemiddelen. De proletariërs zijn de loonarbeiders die hun arbeidskracht moeten verkopen. De kapitalisten hebben de wereldmarkt tot leven geroepen. De behoefte aan steeds uitgebreidere afzet voor haar producten jaagt de bourgeoisie in haar gewetenloze handelsvrijheid over de gehele aardbol. De communisten bepleiten de opheffing van het private eigendom. Het kapitaal is een maatschappelijke macht. Gewelddadige omverwerping van de maatschappelijke orde is geboden. De proletariërs hebben niets te verliezen dan hun ketenen. Zij hebben een wereld te winnen. Marx roept de proletariërs van alle landen op zich te verenigen. In het Westen is waarneembaar dat het socialisme als situatievariante gestalte van het communisme de onmenselijke macht van het kapitaal terugdringt en probeert tot een acceptabel vergelijk te geraken. Later heeft Adam Schaf gezegd dat het humanisme dat de mens als hoogste goed beschouwt voorwaarde schept om menselijk geluk te garanderen. De mens is de autonome smid van zijn lot. Het marxistische humanisme keert zich tegen alle verhoudingen die de mens vernederen. De mens moet zich zelf bevrijden Zij die uit naam van het privébelang het geluk van de mens in de weg staan moeten uit de weg geruimd worden.

Blootstaan aan verandering

In de jaren zestig leerde ik mijn medeauteur Reinder Hovinga kennen. Hij was afkomstig uit een klassiek communistisch milieu. Ik voelde me direct verwant met Reinder en zijn vader. We droegen een gemeenschappelijke inspiratie uit tot het organiseren van politieke acties. De Theologie van de Revolutie was een betrouwbare toegangsweg tot bevrijding en gerechtigheid. We zijn aan onze uitgangspunten trouw gebleven. De staat draagt verantwoordelijkheid voor de productiemiddelen. De staat is verankerd in parlementaire democratie. Corruptie en kliekvorming moeten worden voorkomen. Het is dus onaanvaardbaar dat arbeiders de laan worden uitgestuurd wanneer het kapitaal op is. Uiteraard kan er markt zijn indien de staat regisseur is. Niet iedereen behoeft evenveel te verdienen, maar nivellering is een probaat middel om balans te houden. Wat Marx zich niet bewust was dat de arbeider zich ook kan ontwikkelen tot kapitalist. Hij maakt zich niet meer druk om gerechtigheid voor allen. Van groot belang is het verschijnsel verdelen met elkaar. Solidariteit is het fundament van de samenleving. Mensenrechten zijn van eminent belang. In de praktijk heeft het communisme daarin niet uitgeblonken. Sinds Marx is de samenleving ingrijpend veranderd. De informatiemaatschappij heeft de wereldmarkt mogelijk gemaakt. Alleen profiteert niet iedereen daarvan. De rijkdommen zijn niet gelijk verdeeld over de wereld. Arme landen hebben vaak het nakijken. Ze worden gedwongen aan het kapitalisme mee te werken. De hulpverlener bedenkt bovenal zijn eigen broekzak.
Reinder en ik werden geïnspireerd door de zestiger jaren in de vorige eeuw. We beleven nu onze eigen zestiger jaren in de nieuwe eeuw. We zijn opnieuw teleurgesteld geraak in de het kapitalisme dat zoals gezegd een menselijker gezicht heeft aangenomen maar nog altijd erg hard is voor de armen. De economische crises in deze eeuw zijn fataal voor de voortgang van het kapitalisme. Overduidelijk is dat sommige rijken alleen wisten te graaien. Zij ontvingen bonussen en verdienden abnormaal veel. Zij gokten om zoveel mogelijk rendement te verkrijgen. Door hun onderdrukkende handelingen maakten zij mensen arm en werkloos. De overheid heeft de regie uit handen gegeven. Geld verslindende oorlogen werden gevoerd. Uiteindelijk hebben mensen hun spaarcenten verloren. Pensioenen verdampten. De werkeloosheid stortte vele burgers in de ellende. Mensen moesten hun huis verlaten. De filosofische grondleggers van het kapitalisme Paley, Smith, Bentham en Stuart Mill zouden verbijsterd raken over de huidige kredietcrises. Zij geloofden nog dat Gods wil corrigerend zou werken. Adam Smith wilde het menselijk egoïsme beteugelen. De overheid moest corruptie bestrijden en investeren in onderwijs. Onbeschaamd is het optreden van kapitalisten. Zij werden door bovengenoemde filosofen uitgescholden voor dwazen en varkens. We mogen niet vergeten dat de kapitalist leeft in ieder mens. Droefenis over de voormalige Sovjet Unie waar het bikkelharde kapitalisme toesloeg. Het is nog voorstelbaar dat iemand het belang van de ander doorberekent in zijn ei, anderen wegdrukt. Ik zou een situatie varriante vorm van communisme de wereld toewensen. Binnen strakke grenzen is marktwerking mogelijk mits de overheid waakt over het belang van alle burgers.

Gods revolutie

In de jaren zestig was Harvey Cox een vermaard en inspirerende theoloog. Hij solidariseerde zich met de armen n Amerika en verwierf populariteit in Europa. Cox ziet de doop van Jezus als een daad van Gods revolutie. In de Jordaan wordt Jezus door een ongeciviliseerde profeet uit de rimboe Johannes gedoopt. Deze doop impliceert een verwerping van de traditionele tempel cultus in Jeruzalem. Jezus, verkiest het anti klerikalisme en vereenzelvigt zich met het gespuis van zijn dagen dat buiten de wet staat. In de jaren zestig riep de Wereldraad van Kerken op om kerk te zijn voor anderen. Niet de gerichtheid op zich zelf als kerk maar wel diep geïnteresseerd in de lotgevallen van de naaste in nood. De Amerikaanse theoloog Shaul met uitgebreide ervaringen in Zuid Amerika is ervan overtuigd geraakt dat de beslissende vragen van humanisering en onthumanisering van het menselijk leven worden beslecht aan de fronten van de revolutie. Volgens hem kan participatie van christenen in revolutionair geweld geboden zijn. Shaul ziet de revolutie in messiaans licht. Ten onzent heeft iemand als Bert ter Schegget zich daarvoor warm voor gemaakt. De christen graaft zich niet in in de gevestigde orde maar kijkt naar de orde aan gene zijde van de verandering.

In ons verhaal gebruiken we vaak de term revolutie. Wat is revolutie precies?Arthur Rich heeft revolutie als volgt gedefinieerd: onder revolutie worden verstaan alle technische, sociale en politieke veranderingen, die door de mensen met opzet in een actief engagement en in een snel handelen tot stand worden gebracht en die in het teken staan van een nieuwe opvatting van de gehele samenleving. In de revolutionaire bewegingen van onze tijd komen bepaalde tendensen aan het licht die corresponderen met de gerechtigheid die in de komst van Jezus Christus van Gods wege gestalte krijgt. In de jaren zestig heeft de Nederlandse Hervormde Kerk gesteld dat geweld als enige weg wordt aanvaard waar het afzien van geweld het afzien van recht betekent. Volgens Shaull moet liefde ingaan op de structuren waaronder de mens leeft. Met goed overleg wordt veel niet echt opgelost. Er is soms geen andere weg dan revolutie. Sperna Weiland meent ook dat het theologiseren in revolutionaire situaties er van uit gaat dat het ten diepste gaat om vrijheid en humaniteit van de samenleving. Shaull als een van de grondleggers van de Theologie van de Revolutie geloofde er stellig in dat God present was in de revolutie.

Inspiratie moet nooit uitdrogen maar telkens weer gevoed worden

In de jaren tachtig kwam ik in contact met echte oercommunisten zoals Joop M Met hem samen spanden wij ons locaal en landelijk in voor werklozen en WAO’ers Het waren de jaren dat ik besloot te kiezen voor groepen die in de knel geraakten: daklozen, druggebruikers, seksuele minderheidsgroepen als transseksuelen en pedofielen, illegalen, allochtonen en vluchtelingen. Ik maakte van de Pauluskerk in die dagen een herberg, meditatie centrum en actiefront voor al deze groepen. Ik zorgde ervoor dat mijn inspiratie uit de zestiger jaren niet opdroogde, Ik besefte dat de tijden veranderden. De geschiedenis stond niet stil. Ik ontdekte dat de balans in onze verzorgingsstaat verstoord raakte. Teveel mensen koesterden zich in de verzekering van wieg tot graf in onze verzorgingsstaat Mensen leerden hun hand op te houden maar oefenden zich onvoldoende in eigen verantwoordelijkheid. In de jaren zeventig hadden de socialisten in ons land onder leiding van Joop den Uyl communistische grondidealen op eigentijdse wijze gerealiseerd. We moesten ontdekken dat de arbeider zelfgenoegzaam werd. Als hij zelf de buit binnen had dan voelde hij niets meer voor ontwikkelingshulp. Autochtone en allochtone arbeiders gaven elkaar niet de ruimte. Er kwam afwijzing. We ontdekten de illegaal die dreigde ons werk af te pikken.
In die jaren ontdekte ik Manuel Castells. Hij had behoefte aan een correctie van het marxisme. Castells vond klassenstrijd niet meer zo actueel. Hij vroeg meer aandacht voor sociale bewegingen die probeerden te geraken tot invulling van stedelijke zingeving. Sociale bewegingen mobiliseren mensen aan de basis en proberen hun sociale verlangens om te zetten in politieke eisen waarbij ze in botsing komen met het dominante kapitalistische ethos van accumulatie van kapitaal, concurrentie en winst. Sociale bewegingen proberen de overheid te winnen voor de door hen gewenste veranderingen. Op locaal stedelijk nivo heb ik getracht  in  de geest van Castells de sociale bewegingen te mobiliseren (ontwikkeling van strategie, analyse van problemen, winnen van bondgenoten en proberen locale patijen te strikken) Sociale bewegingen moeten hun eigen zingeving toekennen aan de stedelijke samenleving. Druggebruikers mobiliseerden zich voor de legalisering van drugs, Kaapverdianen boksten met de Ned-Lloyd over onterechte ontslagen, illegalen spanden zich in voor verblijfsvergunningen etc. Vaak lukte het om locale -politieke partijen te winnen. Verbazingwekkend vond ik de samenwerking met VVD ers. Maar ik moest ook vaststellen dat het kapitalisme niet ten onder ging. Vakbonden werden soms uitgeschakeld De staat deed een stap terug. De staat begon bepaalde activiteiten te dereguleren. Privatisering sloeg als een bom in. De staat liet nutsvoorzieningen (gas en elektriciteit en telefoon) gezondheidszorg, en openbaarvervoer verprivatiseren. Privatisering ging gepaard met verinternationalisering.
Mijn sociale bewegingen kwamen toch in de knel. In het huidige kapitalisme gaan groei en neergang samen. Castells wilde revolutie onttrekken aan de communistische partijen. Hij gaf de revolutie terug in handen van de mensen zich zelf bevrijden. Sociale bewegingen organiseren zich rondom bepaalde onderwerpen en worden actief met partijen, zonder partijen, en boven partijen. Sociale bewegingen ontwikkelen zich tot tegenculturen, een alternatief in de door hen gewenste stad. Ik heb het met  succes en mislukking getracht dit te realiseren. Maar locaal werden we gedwarsboomd door nationale en internationale politiek. Ik hoopte op doorbraak die uitbleef. De revitalisering van locaal bestuur bleef uit. Rechtse populistische krachten kregen op de duur de overhand Tot mijn verdriet moest ik steeds meer vaststellen dat de nationale staat niet langer de toeverlaat was voor de burgers. We zien tot onze verbijstering dat de markt in plaats van de staat treedt. De privatisering kent geen grenzen meer. Zelfs politie, veiligheid en gevangeniswezen wenst men te privatiseren. De markt regeert. We hebben het gevecht verloren. De globale economie wordt gekenmerkt door flexibel management, decentralisatie en wereldwijde netwerken. Kapitalisten horen niet meer tot een bepaalde klasse, Kapitalisme is nu een netwerk bestaande uit kapitaalstromen die elektronisch door de wereld geleid worden. De globale economie stoot mensen af. Zij tellen niet meer mee. Zij vallen uit de boot. Ze worden rechteloos. Ze zijn werkloos en hebben nauwelijks inkomen.
De Theologie van de Revolutie was een inspiratiebron. Binnen de politieke situaties waarin ik mij bevond heb ik getracht de in mijn ogen gewenste werkelijkheid van God vorm en inhoud te geven. Nu ben ik gekomen aan het einde van mijn zestiger in deze eeuw. Aan gevoelens van teleurstelling valt niet te ontkomen. De twee wereldmachten de VS en China verblijden ons niet. Chinezen proberen communisme en kapitalisme met elkaar te verbinden. Men is uiterst bekwaam in kapitaalvergaring. Maar de situatie rondom mensenrechten stemt tot bedroevendheid. De communistische revolutie droomde van vrijheid. Dat werd niet het kostbaarste goed. In de VS is de situatie rondom mensenrechten bevredigender. Maar de economische situatie maakt verdrietig. President Obama die als democraat zijn socialistische dromen probeert te realiseren stuit op heftig verzet van liberale kapitalisten die elke overheidsbemoeienis afwijzen. Er wordt altijd een beroep gedaan op eigen verantwoordelijkheid. Maar miljoenen Amerikanen creperen van armoede. Afhankelijkheid van charitatieve initiatieven (gaarkeukens) schiet wortel. In Europa raak je de weg kwijt. Arbeiders die profiteren van welvaart hebben een hekel aan buitenlanders, wijzen asielzoekers de deur uit, houden niet van migranten, willen genadeloos optreden tegen mensen aan de zelfkant, scheppen overvolle gevangenissen etc. Zij hebben van de oorspronkelijke idealen van het communisme niets begrepen. De rechtse populistische partijen roepen bij mij diep ongenoegen op. Hun bekrompenheid, hun nationalisme, hun aversie tegen moslims doen mij walgen. Dat roept bij verzet op. Soms denk je ook aan mogelijkheden van gewelddadig verzet. Maar ik besef dat geweld zich tegen me zelf keert. De parlementaire democratieën bieden de mogelijkheid om lui weg te stemmen en een voorkeur te geven aan partijen die zich bekommeren om ontwikkelingshulp, arme mensen die ziek zijn, werkelozen, asielzoekers, moslims etc. Deze weg moeten we eerst volgen. Wel zou ik hopen als in ons parlement krachtig wordt opgetreden tegen politici die onder mom van vrijheid van meningsuiting de gruwelijkste beledigingen uiten aan het adres van medeburgers. Als gepensioneerde sta je soms machtelozer. Wat rest mij buiten het stemmen om? In geschriften, lezingen, preken en discussies kan ik de revolutie levend houden. Castells heeft me voldoende inspiratiegegeven om locaal te ondernemen wat mogelijk is. Maar bekrompen nationale politiek en internationale crises in de financiële wereld zetten mij buiten spel. Ik volg vaak de economische rubriek van RTL TV. Dat is een wereld waar ik buiten sta, ik begrijp er soms niets van, ik wil het weten, ik heb geen geld en vermogen. Ik blijf van mening dat delen met elkaar de uiteindelijke oplossing is. In het Kapitaal windt Marx zich op over de Hollandse slavernij. Ongekend bruut en weerzinwekkend wat wij in VOC tijden gedaan hebben met medemensen. Die opwinding blijf ik voelen. In deze wereld zijn de vluchtwegen geopend naar maffia, nationalisme en fundamentalisme. Dat veroorzaakt veel onheil. Toch heeft de Theologie van de Revolutie mij geleerd dat solidariteit het cement is van onze samenleving. Solidair met de minsten hier en de armen ver weg. Solidariteit spoort ons aan met elkaar te delen. Hoe besteed ik mijn geld. Ik moet ook bondgenoten zoeken, alleen red ik het niet.
Shaull geloofde dat God in de revolutie is. We zullen niet nalaten God te zoeken waar de minsten zijn. Zij zullen voorop gaan.

Hans Visser

De seksuele revoluties

De seksuele revoluties

De zestiger jaren..DE SEKSUELE REVOLUTIES

De zestiger jaren van de vorige eeuw leidden tot een omslag in de seksuele moraal. Voor mensen opgevoed in het klimaat van de traditionele christelijke moraal was dit een schokkend gebeuren.
De zestiger jaren waren de tijd dat we aanvingen met relaties. We gingen eerst over de platgetreden paden. Met moeite liet ik vernieuwing van gedachten toe. Seksualiteit was het gebied waar we zo lang mogelijk trouw bleven aan wat onze ouders ons geleerd hadden. Seks voor het huwelijk bleek lang onbespreekbaar. Toch was het onze hoogleraar in de Ethiek J. de Graaf die mij bemoedigde met de uitspraak: ”Wat in liefde geschiedt, kan ethisch niet veroordeeld worden“. Deze uitspraak werd een belangrijk houvast. Het werk onder de jongeren in het Zuidelijk Westerkwartier van Groningen confronteerde mij met ingrijpende veranderingen in de seksuele moraal onder jongeren. Ik hield niet van afwijzing en probeerde mij hierin te verdiepen. Ik wilde met jongeren samen optrekken en uitvinden wat goed en minder goed was. Ik ondervond veel steun van Dr. C.J.B. Trimbos (Man Vrouw, de relatie der seksen in een veranderende wereld) en J. de Graaf (De Ethiek van het immoralisme). Trimbos werd later hoogleraar Sociale Psychiatrie aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. In de jaren tachtig toen ik mij bezighield met druggebruikers nodigde hij mij een keer uit om mij lof toe zwaaien voor mijn werk.
J. de Graaf verstaat onder de ethiek van het immoralisme, de theoretische rechtvaardiging van een praktische ontkenning van de traditionele moraal. De moraal is tegen de natuur,tegen de vrijheid,tegen het spontane leven, ze onderdrukt de sterke enkeling ten bate van de middelmatige algemeenheid, zij haat de uitzondering en dwingt het leven in een keurslijf. Dit sprak mij geweldig aan. Het opende ruimte. Hier werden de eerste anarchistische zaadjes in mijn leven gezaaid. Opvallend is dat het wantrouwen tegen zedelijke normen samengaat met de roep om een nieuw ethos. In het immoralisme worden echtheid, authenticiteit, het zich zelf zijn tot morele maatstaf. Het gaat om spontaniteit. Het immoralisme verwerpt regel, wet en doel. Immoralisme opent de poort naar engagement. Wie zich engageert kiest partij en durft vuile handen te maken.
Trimbos (in zijn Man en Vrouw) merkt op dat het traditionele christendom geleid heeft tot angst voor de seksualiteit en de daaruit voortvloeiende taboementaliteit. De puriteinse instelling ten opzichte van het geslachtsleven is altijd toonaangevend geweest. De eerste sexuele revolutie vond plaats na de eerste wereldoorlog en betekende de afrekening met de taboes uit de Victoriaanse sexuele opvattingen. De tweede sexuele revolutie voltrok zich geleidelijk na de tweede wereldoorlog. De seksualiteit komt in dienst te staan van een grotere openhartigheid en vergaande tolerantie. De sterke sociale en collectieve genormeerdheid wordt teruggedrongen naar het strikt persoonlijke: naar het eigen geweten. Ieder moet zelf maar uitmaken wat hij met zijn eigen seksualiteit wil doen. Seksuele bevrediging wordt ervaren als bron van geestelijk gezond leven. Masturbatie wordt bespreekbaar. Als seks in betekenis toeneemt da groeit er ook angst om seksueel te falen. De tweede sexuele revolutie leidde in onze cultuur tot bombardementen die de mens verward maakten over wat goed of verwerpelijk, wat plezierig of goed, wat smakeloos en vervelend is. Was het eerst zo dat seks er was voor de voortplanting, nu geschiedde seks alleen voor genot. Trimbos ziet in seksualiteit een integrerend element in de bouw van de man- vrouw relatie en de grond waarop deze verhouding in liefde mogelijk wordt. Trimbos is ruimdenkend maar trekt wel hier en daar strakke grenzen. Geslachtsverkeer is niet iets vrijblijvends maar houdt een zeer diepgaande emotionele geïnvolveerdheid in..

Liefde en seksualiteit

De ontwikkelingen zoals geschetst door de Graaf en Trimbos riepen in kerkelijke kring veel vragen op. Is het wel waar dat alles wat de ander geen schade toebrengt mag. De seksuele relatie is als beide betrokkenen daarin toestemmen. Genot en sociale ongebondenheid worden dominant. Ik herinner mij dat ik in de zestiger jaren bij het vormingswerk onder jongeren daar alert op was. In een pastoraal schrijven van de Nederlands Hervormde Kerk (Liefde en seksualiteit uit het jaar 1972)wordt de geslachtsgemeenschap ingebed in het huwelijk. Zo kan de ontmaagding van de vrouw als uniek gebeuren beter plaats vinden in het huwelijk. In de zestiger jaren groeit de mening dat partners die hart hebben voor elkaar en elkaar genegen zijn voorechtelijk geslachtsverkeer kunnen hebben omdat ze toch van plan zijn met elkaar te trouwen. Het pastorale schrijven zet hier een vraagteken. Het ethisch vrijgeven van de sexuele relatie voor een huwelijk zou het huwelijk als instituut kunnen ondermijnen. Ik herinner mij dat we in de zestiger jaren gehoorzaam wilden zijn aan dit pastorale advies. Maar in de praktijk leidde dat tot geknoeiboemel zoals het “petting”systeem waarbij wederzijds orgasme wordt opgeroepen zonder geslachtsgemeenschap. De taboes waren nog krachtig In de relatie met jongeren gunde je hen meer ruimte. Ook Siebe de Roos in zijn (De Ethiek van de ongehuwde staat) meent dat geslachtsdrift niet bedoeld is als genotmiddel dat ons naar believen lust kan verschaffen. De Roos meent dat goed is de liefde die de naaste geen kwaad doet.
Het taboe is een geweldige kracht. Zaken worden onbespreekbaar. Ongehoorzaamheid aan de traditionele moraal leidt tot schuldbesef. Je komt er niet uit. Het kan leiden tot hypocriet handelen. Wat verborgen wordt gehouden kan uitkomen. De toestand wordt nog beroerder. Toch moet de mens het taboe openbreken. Je trekt een rivier over en komt terecht in onbekend land. Opmerkelijk is dat de mens dan opnieuw op zoek gaat naar nieuwe moraal. Maar de trektocht over de rivier is een hele onderneming. Er waren altijd clubs als de NVSH en PSVG die probeerden met grondige voorlichting mensen te assisteren bij het zoeken naar nieuwe wegen. Ik besefte altijd dat Bernard Shaw gelijk had toen hij stelde dat seks, politiek en godsdienst de mens ten diepste beroeren. Ik heb daarom in het werk altijd aandacht gegeven aan seksualiteit. Probleem was dat mensen niet leerden zich te oriënteren aan Jezus en zelf regels uit te vinden die hun eigen seksualiteit van geluk verzekerden. Altijd werden door anderen bedachte regels opgelegd met en beroep op het gezag van Bijbel en kerk. Mensen leerden niet hun eigen weg te zoeken. De dwingende autoriteit van wat mocht en niet mocht onderdrukte de gevoelens. Fantasie, creativiteit en geweten kwamen niet tot ontplooiing
K.E.H. Oppenheimer schreef een drukwekkend boek over Liefde en Huwelijk (Liefde en huwelijk, grandeur, moeite en pijn) Hij citeert iemand die zegt”met alleen genieten begint het proces van verrotting”. Het geestelijke/psychische van liefde en liefdeservaring vindt haar eclatante expressie in het lichamelijke. In aansluiting op Merleau Ponty zegt Oppenheimer dat het menselijk lichaam een werkelijkheid is, stoffelijk en geestelijk tegelijk. Wat is seks zonder liefde? Een zinloos, biologisch/fysiologisch gebeuren, het wezen van de mens perverterend. De strelende tedere aanraking, de kus, de omhelzing, de totale overgave en vereniging zijn de uiting van een integere totale liefde. Het lichaam- subject realiseert zich lichamelijk. Het leeft zijn lichamelijkheid en ervaart zijn lichamelijkheid lichamelijk. Maar wat het ervaart, is niet het lichaam, het ervaart als lichaam lichamelijk de liefde van de ander. Oppenheimer toont zich pleitbezorger van het huwelijk. Het huwelijk is een ongekende ervaring van nabijheid en vertrouwdheid. Zij kan niet het karakter van het tijdelijke, incidentele hebben. Werkelijke liefde wil duur, continuïteit, uitbreiding in de tijd. Wederzijdse geborgenheid is de onvergelijkbare weelde van het huwelijk. Het huwelijk kan verzieken. De non- communicatie tussen man en vrouw wordt dominant. De ander wordt als hel ervaren. Je raakt alleen en voelt je reeds in de hel. Toch kan het huwelijk een gevangenis worden. Zo is althans de beleving. Mijn medeauteur Reinder Hovinga is een minnaar van Goethe die zegt dat het ideaal is ongebondenheid in liefdeszaken.
De ongebondenheid in liefdesrelaties

Simone de Beauvoir nam het besluit om zelf verantwoording te dragen voor de eigen daden. Ze was metgezel van Jean Paul Sartre. Ze huwden niet met elkaar en lieten elkaar vrij in de omgang met anderen. Dat impliceerde dat ook seks in deze relaties mogelijk kon zijn. Volgens Simone de Beauvoir is de mens gedoemd het eigen leven te leiden. De mens mag zijn verantwoordelijkheid niet afschuiven op religie en sociale conventies. Zij was grondlegster van het feminisme. Ze pleit voor economische onafhankelijkheid van de vrouw. Mannen gedragen zich als subjecten en vrouwen worden objecten. (vergelijk haar boek De Mandarijnen) Na de dood van Sartre had ze veel verdriet en raakte tot haar dood verslaafd aan alcohol en amfetaminen. Zij verklaarde dat ze niet als vrouw is geboren maar tot vrouw is gemaakt. Ze streed voor gelijkwaardigheid van man en vrouw. Een andere grondlegster van het feminisme was Kate Millet. Ze werd beroemd door haar boek “Sexual Politics” Zij schrijft dat het al dan niet bestaan van aangeboren mannelijke en vrouwelijke eigenschappen bij nader inzien niet echt relevant lijkt. Voor Kate Millet was het een onwrikbaar dogma dat alle niet lichamelijke verschillen zijn aangeleerd. Zij organiseerde binnen het kader van haar feministische activiteiten allerlei zaken voor vrouwen. Haar biseksualiteit schiep wel een apart probleem. Ze onderging de relatie met een dominante liefdesvriendin. In de vrouw- vrouw relatie bleek macht een belangrijke rol te vervullen. Millet was radicaal ook als mensenrechtenactiviste in Iran. Ze liet zich vernietigend uit over de patriarchale onderdrukking(staat, maatschappij, gezin).Ze beschuldigde mannen van fascistische activiteiten in bed. Iteke Weeda heeft geprobeerd haar bijdrage te leveren in de discussie over deze zaken zie haar (Eigen Tijdse Liefde). Zij veegt de vloer aan met liefde als mysterie dat irrationeel en onbenoembaar is. Deze eeuwige liefde zou alle problemen oplossen. Volgens Weeda heeft de institutionele liefde zich vatbaar gemaakt voor machtsuitoefening. Liefde wordt een levenslange opdracht voor de vrouw. Er wordt gepleit voor een exclusieve, emotionele en seksuele betrokkenheid op een ander. Dat maakt nu juist de vrouw onvrij.
We leven in een Tweestromenland. Daar is eerst het duurzame huwelijk, dat geborgenheid impliceert en voorgestaan wordt door iemand als; Oppenheimer. Maar wanneer de ene partner niet langer in het middelpunt staat, dan doemt het landschap op van een veelkleurig geheel, verschillende relaties met verschillende mensen. Voor beide standpunten valt veel te zeggen. De moraal die verbiedt of vrij laat kan een stoorzender worden. Ik herinner mij dat ik in de jaren zestig de deuren naar beide standpunten op een kier liet staan. Je wilde geen keurslijf maar je verzette je ook tegen chaos. In het boek Intimiteit in vrijheid zetten de auteurs Ineke Hendriks en Marnus van Beugen uiteen dat bij vriendschap sprake is van afstand. Je leeft niet onder een dak en je deelt slechts een deel van elkaars leven en tijd. De afstand biedt de kans op iets duurzaams. Afstand schept veiligheid waardoor er intimiteit kan zijn zonder aantasting van het zelf. De afstand geeft een mogelijkheid om een smal pad te vinden tussen duurzame gebondenheid(die het gevaar van keurslijf heeft) en een vriendschap die uitsluitend ongebondenheid kent. De genoemde auteurs vrezen echter dat de mens niet meer het prettige gevoel krijgt uitverkoren te zijn door een medemens maar de ervaring een schakel te zijn in een groter geheel.
In zijn boek Venus aan de leiband stelt H.W. De Knijff dat de natuur in de cultuurtaak tot instrument van de geest wordt: de geest legt aan de natuur zijn doelgerichtheid op en weet daarbij toch van de wetten van die natuur een maximaal gebruik te maken. De natuur wil zich echter uit de boeien van de geest bevrijden. Maar zo zegt de Knijff een geheel vrijgelaten Venus is geen vriendin meer van de humaniteit. De Knijff vreest de bovengenoemde chaos. Hij wil Venus wel aan de leiband maar wil de teugels niet te strak aantrekken repressie is niet goed. In de jaren zestig verslonden we Het Huwelijk van Michel Voor Michel is de gemeenschap des lichaams iets veel breder dan alleen het geslachtsverkeer nl. Het samenzijn van lichaam en ziel, het voortdurend weten van elkaars aanwezigheid en het levend tweegesprek van twee verbonden mensen. De studie van Michel vond ik indrukwekkend maar ik ben er niet trouw aangebleven. Op de duur ontwaarde ik toch bij Michel en de Knijff een fijnzinnig keurslijf dat buitenechtelijke liefde als ontrouw bestempelt. De geslachtsgemeenschap wordt ingebed in het huwelijk. Voor een derde is geen plaats.
Het huwelijk is een historisch instituut dat vooral door de katholieke opvatting van huwelijk als sacrament onontbindbaar is geworden. Maar het huwelijk staat bloot aan vele veranderingen die er toe leiden dat partners het zicht op elkaar verliezen door veranderende opvattingen over hun visie op het leven. Vriendschap is beter. Het is minder geïnstitutionaliseerd. Vriendschap is een uitdaging. Partners kunnen zo verweven raken in hun vriendschap dat derden zijn uitgesloten. Maar vriendschap kan zich tot meer personen uitbreiden. Relaties met derden kunnen afstand behouden maar toch intimiteiten van bepaald gehalte toestaan(de coïtus is niet een onmisbaar gedeelte van intimiteiten). Vriendschap is meer situatievariant dan het huwelijk. Spontaniteit, echtheid en authenticiteit krijgen meer ruimte binnen vriendschap. Het huwelijk krijgt soms iets verstikkends. Mensen als Oppenheimer, de Knijff e.a. gaan goed om met Venus. Deze wordt niet van haar voetstuk gestoten. Maar zij leggen Venus op het kritieke ogenblik toch aan de leiband van het huwelijk.

Liefde zoeter dan wijn

De Bijbel kent ontroerende verhalen over vriendschappen en relaties: Ruth en Boaz, Jacob en Rachel, Jonathan en David. Het Hooglied was bevrijdend voor mij. Laat de geliefden elkaar kussen met liefde die zoeter dan wijn is. Prachtig. Soms vond ik het jammer dat het Nieuwe Testament niet zo scheutig is in verhalen over liefde in erotische zin. Het aantrekkelijke van Jesus Christ Superstar vond ik de relatie tussen Jezus en Maria van Magdala. Ik weet dat er voor deze relatie geen historisch aanknopingspunt is. Maar dat de historische Jezus niet verkilde in de relatie met vrouwen vind ik indrukwekkend. Jezus, trok zich het lot aan van groepen en mensen die in zijn tijd achtergesteld werden: kinderen, vrouwen en zondaren.
W.H. Auden (in zijn Vertel me de waarheid over de Liefde) vertelt:”grenzeloos zijn ziel en lijf voor wie zich in de droomvallei van Venus hebben neergevleid. Daar is een klein vliegtuig dat de witte boodschap krast: Hij is Dood. Ik dacht altijd dat mijn geliefde mijn Noord,mijn Zuid,mijn West,mijn  Oost  ,al mijn verdriet en al mijn troost, mijn nacht, mijn middag, mijn gesprek, mijn lied was. Laat maar in de sterren kortsluiting ontstaan, laat de zon onklaar worden, begraaf de maan, giet de oceaan leeg, kap het woud. Er deugt niets meer nu de geliefde niet meer van me houdt. Zo kan het ook vergaan met liefde. Elk mens kent de toppen en de diepe dalen. Zo is het leven. Je moet God niet alleen op de toppen hopen maar ook in dalen. Liefde kent meedogenloze grenzen. Hoop wordt in de grond geboord.
We onderscheiden de seksuele drift, de erotiek, de vriendschap en de liefde. De seksuele drift manifesteert zich in ons leven. Dat is per mens verschillend. De drift is een krachtenveld in ons zelf. Je kunt daar last van hebben. Driften dwingen je. Driften moeten beteugeld worden. De erotiek is de vormgevende factor. Met erotiek kunnen we proberen onze drift te sturen. Dat gaat niet altijd gemakkelijk. Erotiek confronteert je ook met je zelf. De erotiek kan zich richten op een medemens. Dat vraagt extra alertheid. Ik ken die ander vaak niet, een ander kent mij niet. Voorzichtigheid geboden terwijl de drift zo sterk is. Het kan misgaan tussen mensen. Vriendschap zorgt ervoor dat het kan klikken tussen mensen. Alles loopt door elkaar heen. Soms zijn alle ingrediënten aanwezig. Maar de seksuele drift kan afnemen, de erotiek kan minder heftig worden, de vriendschap kan overeind blijven. Liefde behoeft niet te verdampen. Mensen zijn in staat allerlei soorten relaties te ontwikkelen. Het huwelijk kan een mogelijkheid zijn. Maar dan moet niet de erotiek buiten het huwelijk tot platvloerse lust gebombardeerd worden. Mensen kunnen zin in elkaar hebben maar toch afstand behouden. Ik herinner mij de relatie met een vrouw met wie ik nooit vrijde en coïteerde. We beleefden erotiek, vriendschap en liefde, De leidraad bleef: wat in liefde geschiedt, kan ethisch niet veroordeeld worden.

In Memoriam Chiel Koorevaar

In Memoriam Chiel Koorevaar

Chiel is ons toch nog onverwacht ontvallen.

IN MEMORIAM CHIEL KOOREVAAR

Chiel is ons toch nog onverwacht ontvallen. We leerden elkaar 10 jaar geleden kennen. Regelmatig bezocht ik hem. Er was sprake van een gezellige sfeer. Altijd kreeg ik appeltaart. We rookten sigaretjes en sigaren. We bespraken allerlei onderwerpen varierend van zijn gezondheidsperikelen tot politieke onderwerpen. TV vond hij niets maar de radio was zijn favoriet.. Hij sprak altijd met respect over zijn ouders en maakte zich zorgen over hun gezondheid. Het medeleven van zijn zuster was een terugkerend onderwerp. Hij was dankbaar. Vele malen hebben we gediscusseerd over de relatie met Marokkanen in Schoonhoven,de gedachtewereld van Wilders cs.. Hij kon altijd goede vragen stellen en liet zich niet zo maar door mij overtuigen.. Over bepaalde ontwikkelingen maakte hij zich zorgen. Hij was tevreden met zijn huis en kon vertellen over wat hij deed tegen burenoverlast. Hij vond de zingende vogeltjes in zijn klimop maar niks maar ik verheerlijkte de vogels. Chiel was altijd gastvrij en zorgde voor koffie,cola zero etc. Op gezette tijden had hij vragen over geloof en bijbel.. Er viel altijd na te denken.. Soms reden anderen auto voor mij toen ik geopereerd moest worden aan mijn knie. Mijn gasten waren altijd ingenomen met Chiel. Hij kon zich soms vreselijk zorgen maken over de WAO regelingen. Ik verzekerde Chiel altijd dat niemand hem ging goedkeuren. Gelukkig was dat ook zo. Uiteraard discusseerden we over gezondere levensstijl. Er waren nog tijden dat hij zelf de boodschappen deed . Later werd dat moeilijker. Chiel kende de handicaps van zijn leven. Hij zocht contact met mij wegens mijn tolerantie. Chiel vond vaak dat de samenleving hem afwees. De genotmiddelen droegen wel bij aan welzijn maar verergerden toch zij n handicaps. Dat was een spannend gevecht in zijn leven Goede vrienden als Coen werden door Chiel als geschenken uit de hemel ervaren. De laatste tijd ging zijn gezondheid achteruit. en. hij kreeg te kampen met nieuwe kwalen:moeilijker lopen,jeuk over het lichaam, en pijn. Ik spoorde hem aan om de arts te raadplegen. Soms deed hij dat.
Ik heb u een fragment uit Lucas voorgelezen. Chiel vereenzelvigde zich met slechte mensen. Maar hij wist dat Jezus juist geinteresseerd is in gesjochte mensen. Daar hadden we het soms ook over..Zijn gehandicapte bestaan viel hem soms zwaar. Al die medicijnen en goed bedoelde adviezen. Hij kwam daar niet uit. De afgelopen tijd klaagde Chiel meer over zijn toestand. Hij werd ook pessimistiser, Toch nog onverwacht is hij er niet meer. Familie en vrienden verliezen het contact .Zelf realiseer ik me : bezoek aan Chiel in Schoonhoven is er niet meer.een trouwe vriend is ons ontvallen. Vaak belde hij me op met het laatste nieuws over zijn lotgevallen. Je was op elkaar betrokken. Ik zal hem missen Zijn heen gaan op nog jonge leeftijd bedroeft ons allen. Een tijdje had hij last van hallicunaties. Ik legde hem een en ander uit: in je hoofd maak je dat mee maar toch is het niet waar. God gaat mensen niet pesten. Vandaag vertrouwen wij Chiel toe aan de grote liefde en barmhartigheid van God voor mensen. Chiel was moe en belast maar rust nu bij God die rust geeft.. Jaren geleden moest ik voor GGZ Delft een lezing houden over verslaving.Ik heb Chiel aangehaald in een voorbeeld. Chiel was voor mij leerzaam. Met plezier denk ik aan hem terug. Ik bid God om kracht voor zijn ouders,zijn zuster en vrienden.

Verrast door Marokkanen

Verrast door Marokkanen

Groot was de verrassing…

VERRAST DOOR MAROKKANEN

Op 24 februari van dit jaar werd ik op ongekende wijze verrast door Marokkanen. Zij wilden mij nog danken voor wat ik tezamen met en voor hun landgenoten heb gedaan de afgelopen 32 jaar. Ik werd tezamen met de Marokkaan Brahim El Manouzi gelauwerd. Hij behoorde tot de groep van 182 die ik indertijd in de kerk Het Trefpunt van mijn kostersvriend Jan van Lieburg onderbracht. Ik kan het mij nog herinneren dat ik mij moest verantwoorden bij het hoofd van de vreemdelingendienst die mij uitlegde dat ik als dominee niet de wet mocht overtreden. Marokkanen veroverden een speciale plaats in mijn hart. Ik las er veel over om hen te leren begrijpen. Zo leerde ik dat je een Marokkaan niet en plein public de mantel moet uitvegen. In allerlei activiteiten investeerde ik tijd en energie: De AJV,de SAJ,illegale Marokkanen,dakloze en druggebruikende Marokkanen,speciale hulpverlening,politieke pogingen om illegalen legaal te maken. We organiseerden jaren lang Marokkanenavonden.We kenden goede en kwade dagen. Ik heb eens een jongen een pak slaag verkocht die zich misdroeg op Perron 0.Maar Marokkanen boden bescherming tegen onverlaten door voor mij op te komen:hij is de patron. Tot de dag van heden houd ik mij nog bezig met de lotgevallen van illegale Marokkanen die hier al 20 tot 40 jaar verblijven. De voorzitter van de Stichting AFAAQ Lahcen Benmrit zwaaide mij lof toe. Ze hadden de presentatie grondig voorbereid. Ook anderen als hoogwaardigheidsbekleders uit Marokko,het voormalig kamerlid Mohammed Rabbae,de deelgemeentevoorziter zwaaiden mij lof toe. Het gebeuren was zeer ontroerend. Ik leerde ook begrijpen waarom zij mij zo waardeerden: u verzette zich tegen gezag dat onmenselijk was. Heel ontroerend vond ik de opmerking van een Marokkaan die zei dat hij mij ook waardeerde voor mijn inzet voor pedofielen:ik ben het niet met hen eens maar deze mensen mag je niet aan de kant laten liggen. Zo,n man begreep mijn tomeloze inzet voor kansarmen. Brahim El Manouzi die ik nog kende uit de jaren tachtig was een Marokkaan op wie gerekend kon worden:altijd beschikbaar. Ik zat aan tafel met de consulaire vertegenwoordigster. Ik kon mij hart luchten over de IND. Haar reactie blijft hier onvermeld om begrijpelijke redenen. Ik had nog nooit zo’n avond bijgewoond. Het was een complete verrassing. Het leek op een droom. De mooie oorkonde over warmte en zorg die we gedeeld hadden. Een prachtig schilderij speciaal uit Marokko verkregen. Schilderijen met mooie en warme kleuren met de eigen Marokkaanse symboliek. Marokkanen hebben hun verdiensten bewezen in de Tweede Wereldoorlog. Zij veroveren thans hun eigen plaats in de Arabische wereld tijdens de Arabische Lente. Marokkanen hebben terecht joden gekoesterd. Het was een verrukkelijke avond met zoveel hartelijkheid en warmte. Zelfs een klein meisje sprak mij toe en overhandigde bloemen. Voor de Stichting AFAAQ heb ik grote waardering. Zij verrichten uitmuntend vormingswerk dat bijdraagt tot integratie. Marokkanen uit het verleden flitsen door mij:het kleine lieve drugshandelaartje wiens pasport ik altijd bewaarde en die na verlinking van de aardbodem verdween,de wat aggressieve jongen die met me wilde vechten,de druggebruikers die overal werden afgewezen,de illegalen die maar ongewenst bleven,de jongen die geweldig zijn best deed en tot verrassing legaal werd,de lieve Marokkaan die niet van de drank kon afkomen,de orthodoxe Islamitische Marokkanen die onze Islamavonden bijwoonden, etc etc. Het was een avond om dankbaar te zijn. Zon geweldige lofbetoning was een ongekende verrassing.

In memoriam Pieter de Koster

In memoriam Pieter de Koster

Op  verzoek van….

IN MEMORIAM PIETER DE KOSTER

Op verzoek van Henk Wuister schrijf ik dit In Memoriam. Na een mislukt gesprek in 2007 zijn onze wegen gescheiden. Ik realiseer me dat dit geschiedde na 20 jaar contact met hem. Zijn twintig jarig verblijf in de oude Pauluskerk was een gebeuren dat dankzij de kosterij, vrijwilligers en bovenal Henk Wuister mogelijk was. Pieter was geen gemakkelijk mens. Hij persisteerde in zijn meningen en opvattingen. Hij was afkomstig uit een religieus milieu dat niet accordeerde met de PK. Ik deugde als dominee niet in zijn ogen. Hij kwam nooit bij me in de kerk. Ik accepteerde dat en wilde dat geen stoorzender laten zijn..  In 1987 deelde hij mede dat hij na scheiding en verlies van woning dakloos was geworden en als zodanig door mij bejegend wenste te worden. Ik heb dat gedaan. De burgemeester van Standaardbuityen bood een woning aan. Hij weigerde. Hij voelde zich bedrogen door de rechtbank van Breda omdat zij ex vrouw familie was van de president van de rechtbank. Ik ging naar Breda en trof een nerveuze president aan. Pieter had gelijk.. Pieter volhardde in zijn dakloosheid. Hij werd vrijwilliger in de nachtopvang. Het betrof een intelligente man die goed door had hoe alles in elkaar stak.. Ik heb vaak met hem gesproken en zijn mening gehonoreerd. Ik kon niet altijd doen wat hij wilde. Hij verwierf zich een aparte machtspositie in de kerk. Hulpverlening aan hem pikte hij niet of ik moest hem er toedwingen. In 2007 weigerde hij een woning met garage waarvoor we ons best hadden gedaan. Hij bleef bij nee. Toen is hij tijdens mijn verblijf in Georgie stilletjes vertrokken. In de loop der jaren heb ik wel aangeboden om bij hem langs te gaan. Tijdens zijn ziekte telefoneerde de huisarts met mij. Ik was bereid te komen als Pieter dat goed vond. Het lukte niet meer. Ik was blij dat Henk Wuister het contact levendig hield. Pieter was grenzeloos eigenwijs en verplaatste zich niet in gevoelens van anderen. Wel moet gesteld worden dat hij veel eigen geld geinvesteerd heeft in vluchtelingen. In stilte deed hij veel. Dat heb ik altijd hogelijk gewaardeerd. Zelfs bij de start van de Straatkrant was Pieter financieel present. Het is uiteraard tragisch dat we elkaar na 20 jaar toch verloren hebben. Ik was voor Pieter de belichaming van het kwaad dat hem velde. Toch heb ik geen wraakgevoelens. Hij was op zijn wijze sociaal, bewogen met mensen/Hij koesterde soms goede ideeen. Ik heb altijd met hem meegeleefd. Jammer was dat ik hem soms onder handen moest nemen. Zijn weigeringen waren soms bizar. Hij had recht op een uitkering maar weigerde te tekenen. Ik heb voor hem getekend. Kon niet anders. Velen zullen Pieter in dierbare herinnering hebben. Er viel van hem te leren. Hij is niet vergeefs zo lang in de kerk geweest. Op religieus gebied klikte het niet tussen ons. Toch hoop ik dat de barmhartige God in wie wij samen geloofden zich over hem zal ontfermen.
Hans Visser