Archief

Maand: juli 2013
Tragiek

Tragiek

Het tragische kan niet losgemaakt worden van de ervaring van het subject. Het ligt in de betekenis die de dingen hebben voor de mens. De norm voor het tragische ligt niet in het gebeuren zelf maar in diegene die het gebeurde ervaart.

Vele filosofen en toneelschrijvers hebben zich met tragiek beziggehouden. Henri Vandermoer wijdde in 1965 bij zijn promotie in Leuven een dissertatie aan de problematiek van het tragische

Tragiek heeft te maken met ontwrichting van de wereld waar de mens niet aan kan ontkomen. De mens beslist niet alleen over het leven. Er zijn donkere machten aan het werk waaraan een mens niet kan ontkomen. Vooral de dood is dreigend. In de dood wordt de menselijke ontoereikendheid onontkoombaar,definitief en onherstelbaar.

Een geloofsovertuiging kan tragiek verklaren tot een voorlaatste werkelijkheid. Pascal heeft wel gevoel voor het tragische. Het leven van de mens is onberekenbaar. God is verborgen,openbaart zich nooit volledig. God is aanwezig en afwezig tegelijk. Maar door de verlossing van Christus is er een weg tot bevrijding. Kierkegaard had gevoel voor het tragische. Onvrijheid wordt beleefd als angst. Angst is angst voor m.a.w. men kan de angst niet bepalen zonder het object van deze angst aan te geven. Dat object is het niets,het niet-zijn.

Voor Kierkegaard is het geloofsvertrouwen van Abraham een voorbeeld. Abraham blijft geloven dat God Izaak zal redden van het offer. Hij bleef geloven in de kracht van het absurde.Bij God is niets onmogelijk. Het kenmerk van de gelovige is dat hij weet dat er geen oplossing is,hij weet dat wat gebeurt zinloos en absurd is. Maar hij volhardt in de overtuiging dat het absurde schijn is. Tragiek is zo de basis waarop het geloof beleefd wordt.

We ervaren zo dat God een bondgenoot is tegen het Lot dat zo wreed en grillig kan overkomen. Iemand als Oedipus en Antigone waren gevangenen van het lot. Tragiek wordt aangevoeld als iets wat niet zou moeten zijn. Het is niet te voorkomen. Tragiek maakt het leven onmachtig. Een mens kan het leven niet meer aan. Let op het verschil tussen Antigone en haar zuster Ismene. Laatst genoemde sluit een compromis en gaat ter overleving een pact aan met het leven. Antigone blijft erbij dat het haar plicht is om haar broer te begraven. Zij wil daarin zich zelf blijven. Ze probeert daarin sterk te zijn. Je moet leren leven in een wereld waarin je je niet op je plaats voelt.,een wereld waarin elke vriend tot vijand wordt.

De filosoof Schopenhauer acht de realiteit tragisch met haar levenshonger,tweespalt en schuld.. Tragisch kan het lijden immers pas genoemd worden waarin het leidt tot Willensverneinung,Resignation en Askese. Zelfmoord is niet een protest tegen het leven maar een protest tegen het lijden waarmee het leven gepaard gaat. Het ideaal van Schopenhauer is gelegen in een volledig afsterven van de wil,het ondergaan in een passieloos Nirwana waar niet meer gewenst wordt.

Shakespeare schildert de tragiek van King Lear. Er gloort nog hoop .De verzoening met zijn dochter Cordelia kan het leven van Lear zin geven. Haar dood is echter het einde van alle hoop. Gebroken door wanhoop en ellende stort Lear ineen met het lijk van Cordelia.

Een voorbeeld van een situatie waarin de tragiek wordt neergesabeld is Wachten op Godot van Becket. Deze schildert de andere zijde .Zijn personages installeren zich in de absurditeit Camus daarentegen wil niet berusten in de absurditeit maar proclameert opstand. Revolte laat je niet stikken. De mens komt in opstand om het leven betekenisvol te maken.

Tragiek houdt in dat het leven niet als zinvol wordt ervaren. Ik heb niet gekozen voor deze wereld waarin ik wel verantwoordelijk ben. Een mens voelt zich verliezer. Het lukt niet zin te vinden,te formuleren en uit te dragen. Tragiek is de valkuil waarin de mens belandt wanner hij aanvoelt dat de zin van het menselijk bestaan hem ontgaat. De dood valt niet te ontlopen. Onze levensweg is een weg in het duister .Duizenden vragen en geen antwoorden.

Als Gods hand niet tussenbeide komt dan is de wereld overgeleverd aan chaos en toeval. De tragiek domineert.

Tragiek valt niet te ontkennen. Maar ik ben wel gevoelig voor de opstand. God die van buitenaf ingrijpt is ons ontvallen. Maar in mijn sprankelende geest ontwaar ik God als grond van mijn bestaan. Er wordt verhaald dat deze God niet berust in ziekte,onheil,zinloosheid,dood. God wakkert opstand aan. Ik besef dat het niet altijd zal gaan zoals ik hoop. Maar de tragiek wil ik aan banden leggen. Deze mag mijn leven niet verwoesten. Ik wil zin toekennen . God heeft een betekenis voor mij: het geweld raakt voorbij,ziekte is geen noodlot,niet alle vragen kunnen beantwoord worden maar er is wel een uitweg,de dood wordt ontkracht. Tragisch levensbesef ervaar ik als realiteit. Maar ik beleef God in mijn verbeeldingskracht als houvast in donkere tijden. Zeker we zullen geconfronteerd worden met het absurde . Maar ik ga mij daaraan niet overgeven . Met Abraham geloof ik in een goede afloop. Jezus voelde zich door God verlaten. Tragiek op zijn maximum. Maar toch….de dode Jezus leeft.