Nietzsche

Nietzsche

Nietzsche; De vrolijke wetenschap

Sinds ik vertrouw op tegenwind, zeil ik met alle winden.

Hoe kan ik die berg overwinnen,niet denken, beginnen te klimmen.

De man denkt: als rover haal ik mijn gerief.

De vrouw komt niet als rover maar als dief.

Vervloekte zon! Roept de verdorde weide

en prijs bomen om hun schaduwzijde.

Het leven is de moeite waard, dit leven heeft iets te betekenen, er steekt iets achter, pas maar op. De drift van de instandhouding van de soort, breekt van tijd tot tijd door als rede en hartstocht van de geest.

Ja, het leven is de moeite waard. Ja, ik ben de moeite waard. Het leven en ik en jij en wij allen werden voor enige tijd opnieuw interessant voor elkaar.

De goede mensen van elke tijd zijn degenen die oude gedachten diep in de grond stoppen en er de vruchten van plukken, de akkerbouwers van de geest.

Wat hoor ik nu? Het uiteindelijke doel van de wetenschap zou zijn de mens zo veel mogelijk lusten zo min mogelijk onlust te bezorgen.

>Door pijn te berokkenen aan hen die we onze macht nog moeten laten voelen-want pijn is daar een veel geschikter middel voor dan lust: pijn vraagt altijd naar een oorzaak terwijl lust geneigd is aan zich zelf genoeg te hebben en niet achterom te kijken.

Genoeg krijgen van een bezit is genoeg krijgen van onszelf.

De minnaar wil het onvoorwaardelijke exclusieve bezit van de door hem uitverkorene. Hij wil de macht over de ziel en lichaam van die persoon.
Leven betekent: wreed en onverbiddelijk tegen alles zijn wat zwak en oud aan ons wordt, en niet alleen aan ons.

Arbeid zoeken omwille van loon. Voor allen is werk een middel en geen doel.

Ellende is nodig. Vandaar het geschreeuw van de politici, vandaar de vele valse verzonnen overdreven misstanden van allerlei standen en de blinde bereidheid daaraan te geloven.

Het is de grootste moeite: in te zien dat het onnoemelijk veel belangrijker is hoe de dingen heten dan wat ze zijn.

De liefde vergeeft de beminde zelfs de begeerte.
Maar de totale aard van de wereld is in alle eeuwigheid chaos.

Als je weet dat er geen doelen bestaan, weet je ook dat er geen toeval bestaat.

Deugd is de gezondheid van de ziel. Beter is het: jouw deugd is de gezondheid van jouw ziel.

Wij hebben het vaste land verlaten en zijn scheep gegaan. We hebben de brug achter ons. We hebben het vaste land achter ons afgebroken. Welnu scheepje neem je in acht. Naast je ligt de oceaan en het is een feit dat hij niet altijd tekeergaat en dat hij soms zich uitspreidt als zijde en goud en een droom van goedheid. Maar er komen uren dat je zult inzien dat hij oneindig is en dat er niets vreselijker bestaat dan oneindigheid.

Hebben jullie nooit gehoord van de krankzinnige man die op een heldere ochtend een lantaarn aanstak, de markt opliep en onophoudelijk schreeuwde: ik zoek God, ik zoek God. Veel mensen geloofden niet in God. Dat veroorzaakte een groot gelach. Is Hij dan verloren gegaan? Is Hij verdwaald als een kind? Of houdt Hij zich verstopt. Is Hij bang voor ons. Is Hij op een boot gestapt. Geëmigreerd? De krankzinnige man sprong temidden tussen hen in en doorboorde hen met zijn blikken. Waar God heen is riep hij, ik zal het jullie vertellen. Wij hebben Hem gedood-jullie en ik. Wij allen zijn z’n moordenaars. Tenslotte gooide hij zijn lantaarn op de grond, zodat die aan gruzelementen ging en uitdoofde. Ik kom te vroeg zei hij. Het is mijn tijd nog niet/

Het christelijk besluit de wereld lelijk en slecht te vinden, heeft de wereld lelijk en slecht gemaakt.

Wat ontvangen primitieve volken het eerst van de Europeanen? Brandewijn en christendom, de Europese roesmiddelen. Aan wat gaan we het snelst ten gronde? Aan Europese roesmiddelen. De metafysische behoefte is niet de oorsprong van de religies zoals Schopenhauer meent maar slechts een late uitloper ervan.

De oceaan met zijn desolate stilte ligt ongeduldig achter ons.

De verschillende zeeën en zonnen hebben ons veranderd. We worden vreemden voor elkaar.

In pijn zit evenveel wijsheid als in plezier. Ik hoor in de pijn het commando van de scheepskapitein: strijk de zeilen

Alle moraalpredikers hebben zoals de theologen een slechte gewoonte gemeen: allemaal proberen zij de mensen aan te praten dat ze zich in een slechte conditie bevinden en dat een harde en radicale kuur nodig is.

Toen Zarathoestra dertig jaar werd verliet hij zijn vaderland en het meer Urni. Hij trok de bergen in. Hier genoot hij van zijn geest en eenzaamheid. Tenslotte veranderde zijn hart. Op een dag stond hij op met het ochtendgloren, ging voor de zon staan en sprak haar toe..

God is zelf onze langdurigste leugen.
Het bewustzijn behoort eigenlijk niet tot het individuele bestaan van de mens maar eerder tot zijn gemeenschap en kuddeaard.

Hebben wij er ons ooit over beklaagd dat we verkeerd begrepen, miskend, verwisseld, belasterd, verkeerd gehoord en overstemd worden. Dat is precies ons lot.

Zonder de gewenste slaap liep ik uiteindelijk naar het strand, zag onder een milde maan man en schuit op het warme zand, slaperig beide, herder, schaap slaperig stak de schuit van land.

Naar nieuwe zeeën wil mijn zelfvertrouwen. Op toekomst heb ik grip. Maar de zee, de vrije, blauwe vaart mijn Genuese schip.  Slechts jouw oog, groots en Almachtig staart mij aan=Oneindigheid.

Tot zover Nietzsche. Hij verlaat de oude wereld. God is dood. Hij kiest de volle zee. Oneindigheid overvalt hem. Hij klaart op en wordt geconfronteerd met gevoel voor oneindigheid.

Reageren is niet mogelijk.