Tolerantie

Tolerantie

Ik  verblijf in een buitenwijk van Moskou
TOLERANTIE
Ter gelegenheid van het afscheid van Prof. Dr Frits van Engeldorp Gastelaars op vrijdag 27 mei 2011 aan de Erasmusuniversiteit.

Ik verblijf in een buitenwijk van Moskou om een markt te bezoeken. Ik zit op een bankje en neem de passerende Russen in ogenschouw. Ze haasten zich naar de busjes die hen zullen afvoeren naar andere wijken of zelfs buiten de stad. Ik voel me verwant met de mensen. We komen uit de zelfde milieus. Tijdens een wandeling ontwaar ik een man op een bankje in een klein park. Naast hem rust een blikje bier. Hij kijkt voor zich uit. Misschien daalt hij straks af naar de eenvoudige behuizingen naast de spoorlijn. Hij behoort tot de onbedeelden , denk ik zo. Hij is lid van een groep Russen die niet geprofiteerd hebben van het roofkapitalisme. Een herziene uitgave van het communisme in de tweede helft van de jaren tachtig heeft geen kans gehad. Jammer. Mijn onbedeelde man is ook mijn naaste. Heb ik een band met hem?Ons inkomen verschilt. Ik weet niet welk onheil hem overkomen is. Dat begint al in de baarmoeder waar mijjn hersenen toegankelijk zijn voor vreselijke ziekten en afwijkingen. Hoe ben ik opgevoed. Trokken mijn ouders mij liever door de WC. School lukt niet. Werk ontbreekt. Drank is een uitkomst. Wie bekommert zich om de man?
Joris Voorhoeve heeft in zijn laatste boek gepleit voor verbondenheid met de mensen op de aarde door te helpen mensenrechten te beschermen. Rechten op eten,drinken,kleding,onderdak,inkomen,het vertolken van de eigen mening,. Joris hoopt dat we hoeders willen zijn van onze broeders en zusters. De grondleggers van de vrije markt zoals Adam Smith waarschuwden tegen uitwassen. De overheid moest er op toezien dat mensen onderwijs volgden en de overheid corruptie bestreed. Roofkapitalisten die uit waren op eigen gewin werden uitgemaakt voor varkens en dwazen. Helaas heeft het roofkapitalisme vele mensen in het ongeluk gestort. Mijn man op de bank is de weg kwijt. Hij maakt geen vrienden.Hij zal wel overlast geven. Hij is een bron van onveiligheid. Hij moet weg uit de openbare ruimte.Een paar dagen later ontmoet ik in Rotterdam een druggebruiker die ik jaren niet gezien had. Een tragische jongen die zijn ouders heeft zien doodgeschoten worden. Zijn leven lukt niet. Tijdens de repressiegolven die sinds 2002 over Rotterdam gingen kwam hij in handen van de zorgers. Deze verslaafde werd gebombardeerd tot psychiatrisch patient,belandde via gevangenissen in de psychiatrie. Nu loopt hij rond in de openbare ruimte. De zorgers zien voldaan terug op hun werk. Door de repressie is Nederland veiliger geworden. Zo’n land heeft ruimte geschapen voor de heer TEEVEN,onze landskampioen harde aanpak. Ik vraag mijn goede vriend hoe het nu gaat. Slecht,luidt zijn antwoord. Ondanks alle behandelingen blijft hij vastlopen in drank en drugs. Ik reik hem de hand en vervolg verslagen mijn weg. Recht is identiek geworden met orde terwijl het een eigenschap van recht dient te zijn. Wij kiezen voor law and order. Foucault leerde reeds:we zijn op weg een gevangenissysteem als een kaasstolp over de stad te laten zakken. Het gaat om macht die zich toont in disciplinering over onze geest en ons lichaam. Mensen moeten in de gewenste vorm geslagen worden. Ze moeten worden gecorrigeerd en zo lang onder toezicht gesteld worden dat ze normaal bevonden worden. Het systeem moet hen onder controle krijgen,in de greep krijgen,dresseren en volgzaam maken. Van Gogh is een wereldberoemd schilder geworden. Maar toen de lieve man in de war raakte,te veel dronk en en een stuk uit zijn oor sneed verklaarde de buurt hem voor gek. Hij moest voor goed verdwijnen en mocht niet meer terugkeren want hij was gek en gevaarlijk. De vooruitzichten voor mijn Moskouse man op de bank zijn niet niet geweldig. We spreken vandaag over TOLERANTIE. De oude mystici baanden de weg voor tolerantie. Mildheid in relatie met de ander was het codewoord. Respect opbrengen voor de ander in de beleving van zijn werkelijkheid. Met zorg omzien. Alles wat een ander zegt,niet zegt moet tot me doordringen. Ik moet de beleving van de ander trachten te overwegen. Ik moet niet overtuigd zijn van mijn beleving van waarheid. Met mijn eigen waarheid zal ik me in de waagschaal stellen. Ik moet de hoeder zijn van mijn broeder..Ieder mens bestrijkt maar een fragmentje. De ander is een geheim,geen ding. Bij de ander is ook waarheid die in wording is. We zijn een moment in de evolutie. We hebben nog geen greep op de totale waarheid en het gehele zijn. Ik blijf daarom een voorstander van gedoogbeleid. Niet dat ik kwaad wil goed praten. Niet dat ik wil berusten in het boze. Neen,ik wil de ander aanvaarden,ik wil me inleven in de ander. Mededogen betekent dat je het lot van de ander aantrekt.. Gedoogbeleid is een remedie voor onopgeloste problemen en een voorschot op de toekomst.
Onrust komt uit onszelf voort. Er gaan dingen mis. Je weet er geen antwoord op. Je voelt je een nul. Wat je aanpakt mislukt. Er gaan dingen onherstelbaar kapot in je leven. Je wordt angstig. Mensen in de omgeving gaan op je zenuwen werken. Het verblijf in zorgvoorzieningen is niet altijd een pretje. De verzorging is goed maar anderen spelen de baas over je. Soms wordt je sexueel misbruikt. Waarom zou je je ouders verwijten maken? Zij zijn ook verkeerd opgevoed. Ze zopen zich vol met drank. Zelf doe je het ook verkeerd. Je komt er nooit uit. Gestigmatiseerd worden als wegwerpproduct. Je gedraagt je daarnaar. Werkloosheid is vreselijk. Je bent uitgerangeerd,verkeert in een leegte. Je tijdsbesteding is beperkt tot slapen,wat ook niet altijd lukt., methadon halen,vrienden opzoeken,door de stad slenteren. De geestelijke hang naar dope slaat toe.
De man uit Moskou blijft me boeien. Het lot van onbedeelden met afwijkend gedrag fascineert me. Waarom willen wij deze mensen in de door ons gewenste vorm slaan? We hebben met ze doen en vangen aan met betutteling. We kiezen voor de harde aanpak. Opsluiten die handel. Daarom nog een pleidooi voor de mensen met afwijkend gedrag,een ode aan mijn Moskouse onbedeelde. Citaat uit mijn boek GOD,uitgever Lemniscaat Rotterdam pg. 183.
Beste Frits,dank voor je inspiratie en vertrouwen. Tenslotte nog dit. In een van boeken over Harry Potter gaan Perkamentus en Harry op expeditie.Harry Potter beschikt over een macht die het kwaad van Voldemort,de machthebber van de duisternis, kan overwinnen. Harry Potter, de uitverkorene, de verlosser, toch altijd mens onder de mensen, solidair met iedereen, af en toe dol op en vriendinnetje-deze Harry beschikt over een ongekende macht waartegen kwaad niet is opgewassen. Wat mag deze macht zijn? Perkamentus openbaart het ons:dat is de macht van liefde. Frits, je hebt daarvan iets opgelicht in je leven en werk. Prachtig.
Rotterdam, 27 mei 2011, Hans Visser

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.