De nachtmerrie van het ziekenhuis

De nachtmerrie van het ziekenhuis

In september kwam ik terecht in het ziekenhuis voor een knieoperatie. Het verblijf liep uit op een nachtmerrie. Ik kwam zelf in opstand. De operatie had een gunstig verloop. Maar narcose, morfine en zuurstof en bovendien volslagen gebrek aan eetlust teisterden mij. Daar kwam bij dat de suiker chaotisch ontspoorde en het nachtfalen opbrak. Ik was er gewoon beroerd aan toe. Maar het ziekenhuis kent de regel dat je na 5 dagen zo moet zijn opgeknapt dat vertrek aanstaande is.
Ik had het gevoel dat met mijn belabberde toestand geen rekening werd gehouden. Zo werd ik op waterrantsoen gezet.Dat betekende dat je overdag geen thee, koffie of karnemelk kon krijgen.Ik beschouwde het personeel als vochtpolitie. Ik moest stilletjes waterflesjes importeren. Medicijnen en eten ik krijg ik alleen weg met water. Een probleem was dat voor de operatie de infuusnaalden in mij rechterhand verkeerd gekozen waren. De eerste dagen had ik daar last van. In de nacht nodigde ik een verpleegkundige uit.Deze bleek mij lastig te vinden. Op een zeker moment zei ze dat ik gek was geworden.Ik antwoordde slechts:wie is gekker:u of ik? Ik heb de vrouw niet meer gezien. Er kwam een man die het voortreffelijk deed.
Op de IC waar ik eerst belandde was ook een verpleegkundige die overdag met veel humor met je omging. Ze kon relativeren. Terug op de afdeling zette de ellende zich voort. De fysiotherapeute verscheen. Ze was correct maar ik kon niet in haar systeem mee. Ik was met name door de suiker en volslagen zwakheid tot niets in staat. Ik kon het bed nog niet uit op weg naar een rolstoel. Ze was voortvarend en liet een takelmachine aanrukken waarmee ik vanuit bed getakeld werd in de rolstoel. Vervolgens werd ik afgevoerd naar de oefenzaal. Deze zal ik nooit meer vergeten.We waren tezamen met allerlei lotgenoten die vanuit verschillende disciplines hier gedropt werden. Ik zie nog de gezichten van deze mensen. Ze werden gekoppeld aan diverse toestellen. Ik zag hun gezichten die misere uitstraalden. Ik kon geen woord uitbrengen. Ik voelde me in een gevangenis. Goddank trof ik de eerste keer een fysiotherapeute die zich verplaatste in mijn situatie. We oefende wat met de benen en zij zag een vooruitgang richting 90 graden.
Er waren ook twee meer bazige types die de leiding hadden. Met hen moest ik oefeningen doen aan de rekstokken. Het was verschrikkelijk omdat ik zo gammel en beroerd was. Terug op zaal viel ik in diepe slaap. Ik herinner me van een vorige knieoperatie dat ik een toestel in bed waarmee ik de knie kon oefenen richting 90 graden.Het toestel werd nog maar zelden gebruikt.Ik sprak daarover met de big boss Prof.Dr Verhaar. Hij vond het toestel niks Patienten moeten op eigen kracht er tegen aan. Ik zei hem dat ik daar mijn twijfels over had. Ik kreeg het toestel wel maar niet van harte. Ik was niet in staat kracht op te brengen. Aan de wandelstokken kwamen we niet toe.Alleen hekwerkje. Er waren verpleegkundigen die met begrip met je omgingen. Ze gaven extra water,koffie en een correkte behandeling. Zeer vermoeiend was het voortdurend in zwachtelen van mijn voeten die te dik werden. Nou weet je nooit waar je aan toe bent. Mijn eigen orthopeed maakte er geen zaak van. Maar anderen wel.De zaalarts was een goedwillende man aan wie je niets had. Ik legde hem wel eens een probleem voor.Maar dat speelde hij door naar het personeel.Wel dra bleek dat het hoofd van deze club mij wilde aansturen. Daartegen kwam ik in verzet.Er was totaal geen invoelingsvermogen tav mijn situatie. Achter mijn rug met mijn familie en vriendin werd gesproken over opname in een verpleeghuis. Dat weigerde ik kategorisch. Mijn verzet nam toe. Ik kondigde zelfs een hongerstaking aan. De fysiotherapeuten oefenden ook druk uit. In de oefenzaal moest ik dit en moest ik dat. Ik voelde me solidair met mijn lotgenoten. Alle mensen moeten passen in protocollen. Later ontmoette ik in huis van mijn vriendin Cristina in Brielle een fysiotherapeute die het voortreffelijk deed.Ze vertelde mij zich te specialiseren in ouderen als ik: wat is hun leeftijd,wat zijn hun kwalen(hartfalen,suiker). Protocollen houden daar volgens haar geen rekening mee. Verpleegkundigen in het ziekenhuis worden geacht zich aan de regels te houden.Maar houden de regels rekening met de afzonderlijke toestand van de patient. Bovendien is het management niet door zichtig.Er zijn artsen,fysiotherapeuten,verpleegkundigen in rangen en standen,Zelf ben ik in opstand gekomen tegen regels en ondoorzichtig management. Het zieken huisverblijf was een nachtmerrie. Weken daarna heb ik daarvan moeten bijkomen: labiliteit, opstandigheid, zwakheid, neiging om veel te huilen Ik voel nu weer vooruitgang.

Het ziekenhuis ligt achter me. Ik zie er op terug als nachtmerrie. Ik denk aan al dit patienten in de oefenzaal.Dat beeld zal ik niet snel loslaten. Aan medepatienten bewaar ik dierbare herinneringen. De nachtmerrie was niet allesbeheersend.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.